We waren veertien en op de zolderkamer van het enorme huis met een rieten kap zaten we middag aan middag Patti Smith te draaien. Bij de platenzaak had ik voor maar liefst vijf gulden een songbook gekocht met alle teksten op gestencilde blaadjes. Martje wees me aan waar Patti was als ik de draad van de muziek niet meer kon volgen. We rookten sjekkies of een jointje en keken verstoord op als haar moeder kwam vragen of we thee wilden. Space Monkey, Because the night en Gloria werden grijs gedraaid. Dat er eindeloos veel tikken in de plaat zaten, hoorde ik niet. Ik droomde van een bestaan in New York op de 25 th floor maar moest eerst nog het gym afmaken...

Nog steeds draai ik la Smith, alleen nu rechtstreeks zonder tikken vanaf de harde schijf. Nog steeds verklaren bijna al mijn vrienden mij voor gek dat ik naar 'die klereherrie' luister. En nog steeds kan geen enkele andere muziek me zo'n gevoel geven van dromen en verlangens. Ik zie me in m'n gedachten zo'n typische loft bewonen met wapperende gazen gordijnen in het zonlicht en op de straathoek een bagelkar. Ik zie mezelf als een doorgewinterde New Yorkse door de stad dwalen en in het Central Park zitten. Heerlijke clichés die deze muziek bij me losmaken, ach...
Wegens een noodakkefietje mag ik vanavond fijn om half elf naar mijn tandarts. Als werkende moeder werkt F. met name 's-avonds terwijl haar man (ook tandarts) dan op de kleine tandartsjes in spé past. Of als hij niet kan, opa en oma die natuurlijk ook al tandarts zijn. Om nog maar te zwijgen over haar broer die ook al in de praktijk werkt. Ik vind het wel apart, zo'n tandartsenfamilie.
Hoe zou dat bij hen aan het kerstdiner toegaan? Gezellig keuvelen over hagelwitte kronen, flossdraadjes, nieuwe boortjes en welke lectuur er wel of niet in de wachtkamer thuis hoort? Suikervrije toetjes? Samen flossen na het eten?
Zelf kom ik uit een onderwijsfamilie maar over het vak werd gelukkig zelden gesproken aan tafel. Hoe is dat bij jullie? Vaak over het werk aan de babbel of juist bewust niet?
Op een luie zondagmiddag neme men een man, een bad, een bruisbal en een nieuwe krab aan een stopje.

Men stopt het stopje van de krab in het bad, vult dat met water en voegt de man toe. Hierna legt men de bruisbal in het water en bewondert het jacuzzi-effect.

Men houdt een lachende man, lichtgroen geurend water en een prachtig schaap over. Helaas is het schaap niet voorzien van drijfvermogen maar is wel zeer charmant en mag daarom voortaan naast de kikker en de eend op de badrand zitten

Vandaag was ik weer eens op het ziekenhuis om als proefkonijn te fungeren voor de ontwikkeling van nieuwe software voor mijn Cochleair Implantaat. Dat betekent de hele dag nieuwe programma's uitproberen en afstellen en daarna testen afleggen om te kijken of ik met deze software nog beter spraak kan verstaan. Zie het als beta-testing en de bugs patchen. En ja, de software draait onder Mickeymeuk, dus is het niet gek als ik af en toe een blue screen voor mijn ogen krijg van vermoeidheid of iedereen opeens als Donald Duck klinkt. Wel eens negen beta testen van Outlook gedaan? Nou, voor mij is dit dus een soort Outhear. Maar de koffie is goed, de studentjes die onderzoeksstage lopen zijn cute en het beoogde doel is prima. Betere software. Niks op tegen!

Ik ontmoette vandaag ook een klein patiëntje dat doof geboren is en sinds kort een implantaat heeft. Ze is nog geen drie jaar en begint nu te praten maar leert ernaast ook gebarentaal. Het gebaar voor Sinterklaas kende ze al en dat wil ik jullie niet onthouden. Zelf heb ik nooit gebarentaal geleerd en op zich heb ik daar geen spijt van. De dovenwereld is een hele aparte subcultuur waar ik mij bewust verre van heb gehouden. Dat is een discussie apart en gaat wat ver voor dit potsje maar binnenkort kom ik er op terug.
| Willem Kloos | Carin Kluns |
| Ik ben een God in 't diepst van mijn gedachten, En zit in 't binnenst van mijn ziel ten troon Over mij zelf en 't al, naar rijksgeboôn Van eigen strijd en zege, uit eigen krachten. En als een heir van donkerwilde machten Joelt aan mij op en valt terug, gevloôn Voor 't heffen van mijn hand en heldere kroon: Ik ben een God in 't diepst van mijn gedachten. - - En tóch, zo eindloos smacht ik soms om rond Úw overdierb're leên den arm te slaan, En, luid uitsnikkende, met al mijn gloed En trots en kalme glorie te vergaan Op úwe lippen in een wilden vloed Van kussen, waar 'k niet langer woorden vond. | Ik ben een kluns in 't diepst van mijn gedachten, En spreid hier meestens flauwe kul ten toon Over mijzelf en niks biezonders, doodgewoon van dittem, dattum en door griep gevelde krachten. Soms moet ik loggen; zit ik vol gedachten Dan valt 't me aan en wil ik het toch kwijt, soms weet ik niks, geeft Nedstat geen respijt Ach ik ben een kluns in 't diepst van mijn gedachten. - - En tóch, zo stom als ik hier kan miepen Úw onverdeelde aandacht begeer ik o zo graag En, luid uitroepende, met alle moed En trots waag ik het hier, welaan, Van úwe lippen in een wilden vloed wil ik vernemen hoe u mijn woorden vond. |
Griep doet rare dingen met een mens. Zo was ik geheel en al vergeten dat er op deze wereld zoiets als kokosbrood bestaat. Witte met rode glibberblokjes erin, gele met chocoladebruine gemengd en vieze mierzoete roze. Opeens had ik zo'n zin in die witte, op een beschuitje met een kopje thee erbij. De kruimels in bed wens ik me niet te herinneren...
Ook kreeg ik zin in Wybertjes met honingsmaak en Natterman's hoestsiroop. Dat laatste toegediend op de rand van het bed door mijn vader met een aai over m'n bol toe. Verder bestaat er zoiets als heimwee naar verhaaltjes. Jip & Janneke, die betweterige Paulus de boskabouter, de Olijke Tweeling op kostschool of stokoude antiekerige ome Tom in de negerhut.
Het is weerzinwekkend maar wel waar. Griep en nostalgie zijn twee handen op één koortsige buik.
En wat betreft die koortsdromen, die raken kant noch wal; heg noch steg. Ze gaan maar door als een eindeloze langdradige film. Steeds weer aan het rennen, achtervolgingen, wegen die nergens toe leiden, huizen die eindeloos veel kamers bevatten en nooit kom je ergens aan. Mensen komen er in voor en verdwijnen net zo makkelijk weer. Het is allemaal zo onsamenhangend als wat. Net als dit postje trouwens. Trusten maar weer...
Die Balkie en Dondertje toch. Ze zijn als de dood dat een beetje satire ons Keuningklijk Huis schade zou kunnen berokkenen. Dat mag natuurlijk niet. Het schoolmeestersvingertje is waarschuwend de lucht in gegaan omdat wij (het publiek) de feiten niet van fictie zouden kunnen onderscheiden. De kiezertjes zijn natuurlijk niet mondig genoeg om dat zelf te kunnen bepalen maar datzelfde publiek mag wel op ze stemmen.
En waar hebben we het nu eigenlijk over? Dat domme Egoland? Ik heb er vanavond eens naar gekeken en vond er weinig satirisch aan. Een stelletje kleipoppetjes die allerlei gemeenplaatsen verkondigen? Nee dan Kopspijkers, dat is tenminste echt leuk.
Hoe zat dat vroeger eigenlijk?
Al in 1786 heeft de in Leiden geboren Pieter Vreede een stuk geschreven; 'Het gestoorde naaypartytje van Willem V'. Hierin gaat Bea's voorvader vreemd met boerendochter Klaartje en zuipt er stevig op los. Zo kénnen we onze Oranjes!
Kijk, dat was nou eens het betere satirische werk. Sex, drugs en rock 'n roll willen we hebben. Diezelfde Pieter Vreede (ook wel bekend onder z'n schuilnaam Frank de Vrij) heeft als vurig patriot ook nog eens op de barricaden gestaan en zelfs in 1798 een staatsgreep uitgevoerd. Dat was nog eens klasse. Zo hoort het. Vanuit Leiden begint de victorie!
Dat hebben we ook weer gehad. Leuk dat ik tussen een item over 100.000 jaar sex en Phil Collins in zat. Zo voelde ik me wel thuis op de buis ![]()
Het filmpje is hier te zien.
Eén van de dingen die ik mis nu ik zonder werk zit is het vrijdagmiddaggevoel. Zo om een uur of drie kwamen veel collega's vaak langs om een dropje te pikken en een potje slap te ouwehoeren. Ik was dan vaak nog druk bezig om wat werk af te ronden maar het heilige vuur was er al helemaal uit. Het was altijd wel leuk om de plannen voor het weekend door te nemen of een beetje te gossipen.
Vaak moest ik op pad om de tapas of Mexicaanse hapjes af te gaan halen voor de borrel of naar de suup om inkopen te doen. Het bedrijf beschikte over 'de huiskamer' die dus eigenlijk een kroeg in het klein was. De laatste vrijdag van de maand was er altijd een themaborrel en het was leuk om iedere keer weer iets origineels te verzinnen. Ook het tappen achter de bar mocht ik graag doen al was het schoonmaken van diezelfde tap dan weer minder. (Maar dat deden we dan vaak pas op maandagmorgen)
En jullie? Zit je ook op het werk te wachten tot de bar open gaat of thuis aan het bier of de fanta? Nog leuke plannen voor dit weekend? Nog roddeltjes? Laat eens horen. Ik ben benieuwd...
Die GJ van Camarados weet het altijd leuk te brengen. Het leven is in moblogland o zo mooi! Iedere avond feest, lekker lopen met de hondjes in het mooie Appelbergen, Flugeltjes met fleurige Floortje, spelen met nieuwe hi-tec gadgets en nooit en never nimmer lelijke dames in z'n buurt.
Dit verdient navolging. Stiekem ben ik wel jaloers op z'n lifestyle en ga hem nu eens goed na-apen. Es kijken of dit werkt...
Dus heren, mannen, let op. Hier komt uw kans.

Als ik binnenkort weer full-time aan de slag ga wil ik ook een knappe interieurverzorger. Na alle Mien Dobbelsteen's wil ik nu graag een Koos Klaverjas! Intellectueel niveau doeterniettoe, dus ook niet-studenten mogen reflecteren. Als u maar streeploos kan zemen, een beetje fotogeniek bent, de kattenbak wilt verschonen, de beschuitkruimels tussen de lakens wilt verwijderen en er niet tegen op ziet om af en toe als aandachttrekker op dit log te fungeren kunt u solliciteren!
Ik begon me al zorgen te maken. Wel bijna drieduizend bezoekers uit België, een enkeling uit Macau, Slovenië of zelfs uit Netwerk. Maar al heel lang geen bezoekers uit Spanje meer. Zou dat wel goed komen dit jaar?

Pfff, ik heb er na vanavond weer vertrouwen in dat hij mij niet zal vergeten. Nu maar gauw mijn verlanglijstje op gaan stellen.
Toen ik nog bij mijn ouders thuis woonde had ik een klein hondje. Het beest kwam uit het asiel en was van het nobele 'chien de poubelle' ras. Ik kreeg hem voor mijn tiende verjaardag en aangezien hij al drie jaar naar de naam Blackie luisterde bleef dat dus ook zo. Ergens was ik stiekem een beetje teleurgesteld dat ik geen lieve pup kreeg die ik zelf een mooiere naam kon toebedenken maar Blackie en ik konden het prima vinden samen. Hij kwam uit een groot gezin waar hij nogal getreiterd was door de jongste kinderen en die hem weg hadden gedaan omdat hij vals zou zijn. Dat was absoluut niet zo, maar het bleef altijd een beetje oppassen met hem als hij zich bedreigd voelde. Dan liet hij z'n tanden zien en maakte veel kabaal.
Bij ons in de straat woonde een grote stoere bioloog met pikzwarte baard die een herdershond had. Dit teefje heeft twee verstoten wolfsjongen gezoogd die uit de dierentuin in Emmen kwamen. Als die grote man met z'n drie honden, waarvan er dus twee eigenlijk wolven waren, over straat liep ging iedereen gauw aan de kant. Zoniet mijn Blackie! Die zette een keel op en blafte vervaarlijk terug. Typisch gevalletje van veel geblaat; weinig wol maar het hielp wel. De twee jonge wolven kropen dan kaikaikai piepend in de armen van de bioloog en wij liepen, beiden hooghartig met onze neus in de lucht, gewoon verder. Lekker puh!