Poëzie en het fileermesje...
Ik ben altijd gek op lezen geweest. Op m'n 5de jaar kon ik het al en overal in huis lag wel een boek waar ik in bezig was. Ik las op de wc, onder het eten (stiekum natuurlijk) en tot diep in de nacht in bed. Folders, krantjes en de tijdschriften van mijn ouders; alles werd uitgespeld. Met de juffies van de slechthorendenschool lag ik in de clinch omdat ik de boeken voor mijn leeftijdsgroep te simpel vond. Ik was lid van twee bibliotheken en op vakantie moest er altijd een karrevracht boeken mee, die ik na één week uithad. De rest van de vakantie moest ik me dan zien te vermaken met andere zaken. Je kunt gerust stellen dat ik dus zo'n akelig vervelend boekenwurmpje was dat meestal met haar neus achter de lettertjes zat.
Op de middelbare school was ik goed in literatuur en poëzie, maar de lol van het lezen werd me grotendeels ontnomen door het uitputtende analyseren van de teksten. Mooi en boeiend was niet meer genoeg maar alles moest tot op het bot ontleedt worden. Net alsof je een mooie vogel op een snijtafel legt om deze met een fileermesje te lijf te gaan. Ik voelde me een akelige bedriegster toen ik hier hele hoge cijfers voor haalde. Andere leerlingen, die die gedichten misschien wel veel mooier vonden dan ik, kregen die cijferwaardering niet. De gedichten van Bernlef zal ik dan ook nooit meer kunnen lezen zonder dat ik aan die schooltijd denk. En met poëzie en mij zal het denk ik wel nooit meer helemaal goed komen.

Elisabeth Eybers, Taalles
Maar als ik door Leiden loop en de vele gedichten op de muren zie staan, word ik vaak toch wel weer net zo blij als toen ik nog een lagere schoolkind was. Zie ook hier !

Mootje (
op: 06 Februari 2003 om 20:38
Gedichten op de muur zijn onverwacht verrassend.